André, een slager uit Nieuwrode, heeft elke dag zijn stuk vlees nodig.
‘Ik heb helemaal geen bang voor de recente opkomst van het vegetarisme, want er zijn ook minder beenhouwers in België. Vroeger waren er minder vegetariërs, maar wel veel meer beenhouwers. Er was een 7000-tal beenhouwers in België, nu nog maar een 3000-tal. Ik heb dus helemaal geen schrik voor mijn zaak. Ik sta niet negatief tegenover vegetarisme, maar ook niet positief. Als de mens nooit vlees was beginnen eten, was hij volgens mij nu nog steeds een beest op vier poten. Ik heb wel begrip voor vegetariërs. Als mensen in mijn zaak geen pens lusten, dan lusten ze geen pens. Als mensen geen vlees lusten, dan lusten ze nu eenmaal geen vlees. Wie ben ik om daar problemen van te maken?
Of dat vegetariërs gezonder leven dan mensen die wel vlees eten, weet ik niet, ik ben tenslotte geen wetenschapper. Maar vegetariërs moeten op zoek gaan naar vervangers voor eiwitten en dergelijke. Dus is dit dan zoveel gezonder? Bovendien zit er in vlees nog belangrijke voedingsstoffen die niet vervangen kunnen worden. Geef mij dus maar gewoon een goed stukje vlees. Vegetarisch vlees, als je het zo kunt noemen want vlees zonder vlees bestaat niet, verkopen wij niet nee. Daarvoor moeten ze bij iemand anders gaan kijken. Ik heb het ook nog nooit gegeten, en ga het waarschijnlijk ook nooit eten. Ik ben groot vleesliefhebber, uiteraard. Een slager die niet van vlees houdt zou zijn als een groenteboer die geen groenten lust, dat is bijna ondenkbaar. Je moet geloven in wat je verkoopt natuurlijk. Maar ik zou zeker niet zonder vlees kunnen.’
Of dat vegetariërs gezonder leven dan mensen die wel vlees eten, weet ik niet, ik ben tenslotte geen wetenschapper. Maar vegetariërs moeten op zoek gaan naar vervangers voor eiwitten en dergelijke. Dus is dit dan zoveel gezonder? Bovendien zit er in vlees nog belangrijke voedingsstoffen die niet vervangen kunnen worden. Geef mij dus maar gewoon een goed stukje vlees. Vegetarisch vlees, als je het zo kunt noemen want vlees zonder vlees bestaat niet, verkopen wij niet nee. Daarvoor moeten ze bij iemand anders gaan kijken. Ik heb het ook nog nooit gegeten, en ga het waarschijnlijk ook nooit eten. Ik ben groot vleesliefhebber, uiteraard. Een slager die niet van vlees houdt zou zijn als een groenteboer die geen groenten lust, dat is bijna ondenkbaar. Je moet geloven in wat je verkoopt natuurlijk. Maar ik zou zeker niet zonder vlees kunnen.’
